Reglementering

De tijd dat we met onze spits konden gaan wonen waar we maar wilden ligt ook alweer een tijdje achter ons. Ondertussen tieren de regelnichten ook in Vlaanderen welig, en is de organisatiedrift op hol geslagen. Dit mondde uit in een niet te overzien aantal controles en regeltjes, waar de betreffende diensten vermoedelijk vaak zelf niet meer aan uit geraken.

Meerpaal en meertouwen

Ligplaats voor een boot

Het begon ermee dat we een vaste ligplaats en een vergunning moesten aanvragen. Volgens de bureaucraten ligt het overal al vol, dus de mogelijkheden zijn beperkt. Deze mensen zijn vergeten dat in het pre-vrachtwagentijdperk overal in de stad de schepen rijen dik lagen, wat trouwens een fraai zicht was.

Onze ligplaats wordt dus aan ons verhuurd, en iedere vierkante centimeter moet opbrengen. Naast de inname van het wateroppervlak ontsnapt geen trede of paaltje op de oever aan de beheersdrang van de waterwegbeheerder. Maar we zijn tevreden met onze stek en klagen niet. Wie minder geluk heeft dan wij komt op een lange wachtlijst terecht.

Domicilie

Waar onze ligplaats is zijn wij gedomicilieerd. Ons adres kreeg de naam van de straat waar het kanaal Gent-Oostende langs kabbelt. Onze thuis is waar ons brievenbusje staat. In het begin kregen we als huisnummer het nummer van het huis aan de overkant, gevolgd door AB, wat stond voor aan boord. Dat vonden wij wel grappig. Maar dat werd later gewoon A. Boten hebben de neiging niet steeds te willen blijven liggen, en zo kwamen wij op een keer aan het andere eind van de straat terecht, vanwaar wij er makkelijker op uit kunnen varen. Men droeg ons op ons huisnummer mee te nemen. Wanneer je je inbeeldt dat meerdere schepen wel eens verhuizen, kan je je voorstellen dat het voor de postbode na verloop van tijd niet meer te volgen is. Gelukkig hebben we welwillende overburen die ervoor zorgen dat alles doorgaans mooi terecht komt.

Domicilie op een boot

Concessie

Sinds een aantal jaren moesten wij voor onze woonboot een concessie nemen voor onze lipplaats, dat is een overeenkomst voor 12 jaar. Dit past binnen het aanmeerplan dat werd opgesteld door de Vlaamse Waterweg NV en de Stad. De prijs van de concessie is afhankelijk van de grootte van onze boot, de aard van de omgeving, welke functie onze boot heeft en de voorzieningen die aanwezig zijn. Ook moesten we een waarborg betalen van 2500 euro. Dit geld mogen ze claimen indien wij iets kapot zouden maken, of geborgen zouden moeten worden. Daarenboven moeten we over een Waterwegenvergunning beschikken, niet alleen om te varen, maar ook om te mogen liggen.

Registratie

Waar we vroeger een vlaggenbrief hadden, moeten we overschakelen naar een registratiebrief. Het is een soort identiteitsbewijs van onze boot. Dit attest wordt na het invullen van een vragenlijst afgeleverd door de FOD Mobiliteit en Vervoer.

Klassencertificaat

Op een boot wonen is niet zo bohemien als het laat uitschijnen. Wij staan er steeds weer van versteld aan hoeveel voorwaarden men moet voldoen. Soms komen die eisen ons onredelijk voor. Want ook al hebben wij een nieuwe boot, toch vraagt men bijvoorbeeld een meting van de dikte van het staal. Het klassencertificaat gaat over de toestand van het schip, en dan meer bepaald de romp. In het verleden kwam het wel eens voor dat een schip in zo een danig slechte staat verkeerde dat het zonk. We hoorden verhalen van booteigenaars die verdwenen waren of niet aansprakelijk konden gesteld worden. Zo draaide de overheid op voor de bergingskosten, wat een dure aangelegenheid is. Vandaar de maatregelen die worden genomen om zulke situaties te vermijden.

Verzekering

Bij onze concessie hoort de verplichting tot het nemen van een verzekering. In tegenstelling tot wat men zou denken is niet het water maar brand het grootste gevaar op een boot. Naast een assurantie tegen risico’s van alle aard hebben wij ook een verzekering voor het varen.

Waterwegen en Zeekanalen maakte de brochure Woonboten op koers, waar alles van naaldje tot draadje uitgelegd staat. WenZ werd in 2018 de Vlaamse Waterweg, maar de brochure komt nog altijd goed van pas.

CE-keuring

Sinds 1993 moet alles wat in Europa wordt geproduceerd of ingevoerd een verklaring van overeenstemming CE (Conformité Européenne) hebben. Het betekent dat het product conform de geldende regels vervaardigd is, vooral met het oog op veiligheid. Daar wij onze boot zelf hebben gebouwd was het aan ons om daar voor te zorgen. We gingen voor categorie C, wat betekent dat het schip ontworpen is voor het varen in kustwateren, riviermondingen, baaien, meren en rivieren tot en met windkracht 6 op de schaal van Beaufort en een golfhoogte van maximaal 2 meter. Het heeft ons een aardige duit en heel wat moeite gekost, maar achteraf beschouwd zijn we blij dat het in orde is. Zonder CE-certificaat zouden we bij een ongeval volledig aansprakelijk kunnen gesteld worden.

CE-keuring categorie C

Uitrusting aan boord

Een beetje afhankelijk van de aard van de boot en het vaargebied dient men aan boord te beschikken over een nogal uitgebreide uitrusting. Dit alles staat beschreven in het scheepvaartreglement of valt te lezen bij FOD Mobiliteit en Vervoer. In grote lijnen komt het hierop neer:

  • Reddingsmiddelen: reddingsgordel voor iedere opvarende, lichtgevende reddingsboei indien het vaartuig nachtelijke tochten onderneemt, afdoende noodseinen waaronder vuurpijlen
  • Nautische instrumenten: misthoorn, magnetisch kompas, navigatielichten, dieplood
  • Uitrustingsmaterieel: anker, pomp of hoosvat, voldoende aantal roeispanen met hun dollen, 20m tros voor allerhande werken, blusapparaat voor motorjachten, hamer, bootshaak, elektrische lamp geschikt voor het geven van lichtsignalen, volledig stel zeilen voor zeiljachten
  • Heel- en verbandmiddelen: waterdichte doos met het nodige verband en andere gewone farmaceutische producten
  • Documenten: registratiebrief of vlaggenbrief, dubbel van de verzekeringspolis, getijdenboekje, bijgewerkte zeekaarten